Trillende benen

Soms hoor je profwielrenners op de massamediakanalen zeggen dat ze slechte benen hebben. Tot voor kort kon ik me daar weinig bij voorstellen. Na een zware trail of marathon had ik uiteraard steeds een vreemd gevoel in de benen maar ondertussen weet ik hoe anders dit voelt na een zware rit en na een zware loop. Na het lopen voel ik het direct. Genoeg!, smeken de benen dan.

Mijn ervaring is dat ik tijdens en onmiddellijk na het mountainbiken niet besef dat het zwaar was. Ik zeg telkens met een grote glimlach – en niet om stoer te doen – dat ik mentaal moe ben van de techniciteit van dergelijke rit maar dat mijn lichaam het niet voelt. De focus, de adrenaline maar niet de fysische inspanning vermoeien me. Ondertussen heb ik begrepen dat offroad hoogtemeters fietsen wel iets met mijn benen doet en moet ik deze bewering toch bijstellen.

Dinsdagmorgen deed ik een klein, traag loopje met Joke in Koolkerke op een leuke locatie. We zouden 40 minuten aan 9 km/u lopen. Ik had er best zin in en was opgetogen eindelijk nog eens met haar te kunnen trainen. Doch na de zware mountainbike rit van zondag in Spa, ging het mij totaal niet af. Mijn scheenbenen deden pijn, mijn billen ook. De botten in mijn benen leken roestige knoken. Na amper 20 minuten sliep mijn volledig rechterbeen en ik leek wel buiten adem. Onvoorstelbaar maar ik telde botweg af tot de tijd om was. Logisch eigenlijk want ik weet best wel dat spieren wat tijd vragen om zich te herstellen. Maar ik wil zo graag alle tijd waarover ik beschik efficiënt benutten om te trainen.

Ik besefte dat mijn benen rust nodig hadden want zo zou ik onmogelijk de Trail des Fantômes van komende zaterdag in La Roche succesvol en genietbaar kunnen uitlopen. De hoogtemeters zijn genadeloos.

Maar ik had op woensdag nog een training op de agenda die ik absoluut niet wou annuleren. Mountainbiker Jakke zou me er in Herentals een lap op laten geven op een technisch uitdagend bosparcours in de Kempen. Een ronde telde 36 km en we zouden er twee rijden.

Toevallig hadden zowel hij als ik een uitvlucht om slechts één ronde te crossen. We fietsten de rode, groene en blauwe lus van het Sport Vlaanderen MTB parcours Herentals-Kasterlee met enkele extra pittige stukjes van Jakke himself die dat daar beter dan zijn broekzak kent.

Het eerste half uur bibberde ik van de stress en durfde niet eens over boomwortel-trapjes van 20 cm vliegen in de afdalingen. Klimmen geen probleem, maar dalen: hola, Pola… Ik moest er – l'histoire se répète – mentaal inkomen, mijn moed bijeen rapen en letterlijk Komaan Cattoor, zo geraak je er niet! als een mantra tegen mezelf herhalen.

Maar dan kwam ik in de flow en ontspande me zonder de alertheid te verliezen. Anders vlieg je tegen een boom, zoef je verkeerd over de boomwortels en trapjes of ga je uit de U- en S-bochten. En dat wou ik zeker nu met de trail run van zaterdag niet meemaken. Mijn benen waren nog steeds moe en zwaar en ik zwoer komende donderdag en vrijdag niet meer te zullen trainen.

Alzo geschiedde vandaag, samen met Runcoach.be, de eerste sportrustdag in La Roche. Een uur wandelen kan natuurlijk nooit kwaad. Benieuwd of de benen morgen weer een beetje luchter zullen voelen. En of het evenveel zal regenen als vandaag. Dat er zaterdag in de modder zal worden getraild is een feit. 😉

Wachten

Het is weer iets nieuws dat je je pas kan inbeelden als je het al zelf meegemaakt hebt. Misschien is het een van de redenen waarom marathonlopers elkaar wereldwijd stilzwijgend verstaan en verbondenheid ervaren. Ik heb het over de laatste dagen voor een marathon. De eerste keer is misschien de akeligste? Ik hoop het althans want ik ben niet van plan om me elke keer tijdens marathon-week ellendig te gaan voelen. Denk in termen van nachtmerries en angstzweet. In detail treed ik niet. Het zal bij elke marathonloper andere vormen en proporties aannemen en ik wil aspiranten niet afschrikken.

Begrijp me niet verkeerd. Ik verlang naar zaterdag, naar het startschot in Hulst, de volle 42,195 km lopen en het overschrijden van de eindmeet in Terneuzen. Maar dat het nu maar gauw mag beginnen. De zenuwen gieren door mijn lijf. Goede moed vermengd met schrik, niet om af te zien maar om te falen. Ik moet dit niet doen maar wil het zo graag. Alleen heb ik jaren gedacht dat ik het misschien niet kan. Alle anderen wel maar ik niet. Nochtans is mijn man, net als zijn bestie Marc, een seriële marathon- en ultratrailloper. Maar zij zijn in mijn ogen hors catégorie. Het zou zot zijn om de vergelijking aan te gaan met sterke mannen die naast ‘gewone’ marathons ook de Antarctic Ice Marathon en 100 kilometer van Antarctica wonnen (Marc) of honderden kilometers in het hooggebergte trailen (Runcoach.be).

Lopen is grotendeels egocentrisch en het erover bloggen al zeker. Dat is een van de redenen waarom ik content ben dat de campagne Loop Naar De Maan nu bezig is. Dan kan ik het lopen opkrikken naar een niveau met maatschappelijke meerwaarde. Groot was mijn verbazing dat mijn uitdaging om tegen 16 oktober €1000 bijeen te sprokkelen schijnbaar redelijk bescheiden was. Bekenden en minder bekenden sponsorden mij al voor €740. Dat geeft een warm gevoel. Dat mensen betrokken zijn en dit project graag steunen. Dat ik via lopen, mensen activeer om een steentje bij te dragen in de strijd tegen kanker.

Zaterdag lever ik dus mijn persoonlijke strijd tegen de wind en mijn eigen grenzen. Zonder de steun van andere mensen zou ik hier niet klaar voor zijn.

  • Runcoach.be heeft me klaargestoomd.
  • Andere loopsters gaven me moed door de 2 voorbije weken als voorbeeld te dienen.
  • Mijn ouders zorgden voor de kinderen zodat ik me tijdens lange trainingen geen zorgen hoefde te maken.
  • De kinderen steunen me door te supporteren, mee te lopen of me op te wachten aan de finish.
  • Talrijke vrienden, collega’s en kennissen uiten via verschillende kanalen hun sympathie en wensen me geluk.

Zaterdag zet ik een droom in werkelijkheid om. Deze loopster is een dankbaar en gelukkig mens.

Lopen met de rem op

  
Gisteren wou ik vertrekken voor een verplaatsingsloopje want ik moest van Brugge in Oostkamp geraken via Moerbrugge. De post lag op de deurmat te blinken. Een grote, witte enveloppe uit Nederland. Het borstnummer voor de Marathon. Verhoogde hartslag. Mijn hoofd duizelde een beetje. Ik zag het zitten!

Ik mocht van Runcoach.be ongeveer 8 kilometer lopen aan 10km/u maar de goesting om te lopen gaf me vleugels zodat ik voortdurend op de rem moest staan. Finaal klokte ik af met een gemiddelde snelheid van 10,2 km/u.  Gek was het om met de rem op te lopen, maar wel een boost voor het zelfvertrouwen. 

Ik testte hierbij mijn nieuwe heupgordel van Salomon uit. Salomon is een topmerk voor traillopers waarbij comfort en superieure functionaliteit gegarandeerd is. Als je lange afstanden loopt, verdraag je geen vervelend schurende materialen. Enig nadeel is de hoge prijs. Je krijgt waar voor je geld maar mijn budget laat niet toe om alle gear van Salomon te kopen, zeker niet hun reeks S-Lab. Dankzij zijn ambassadeurs zoals Kilian Jornet of Anna Frost die ik enorm bewonder, heeft dit merk wel mijn absolute voorkeur. De heupgordel voldeed dan ook aan de verwachting. Grappig detail was dat er zelfs een bh in paste. Ik had bijna overal aan gedacht toen ik ’s ochtends mijn gerief voor na het lopen meegegeven had aan manlief. Verse kleren, wasgerief en schoenen. Maar dat stukje ondergoed was ik dus vergeten.

Vol runner’s high kwam ik op mijn bestemming in Oostkamp. Spijtig dat ik niet meer kilometers mocht lopen. 

 

Nog één keer lopen

  
Overmorgen ga ik nog één keer onorthodox ver lopen en dan start het taperen. Geen idee hoe dit zal voelen maar ik hou enkele loopsters in de gaten die een of twee weken voor mij hun eerste marathon (Parijs of Rotterdam) zullen lopen en nu volop in tapering zitten.

Gisteren liep ik een trage halve marathon op het strand van Oostende naar Middelkerke en terug. Warme westenwind blies frontaal tegen mijn zwoegende lichaam. 

  

Naïef dacht ik geholpen door de wind het tempoverlies op de terugweg in te halen. Niets was minder waar. 

11 km windtegen over de golfbrekers lopen, over de waterplassen springen en door het water en ribbels rennen, hadden me danig vermoeid zodat ik het gemiddeld tempo niet meer echt kon opkrikken. Maar het was genieten van de zon en de zee. En zo heb ik op een week 77 km gelopen voor Kom Op Tegen Kanker.