De Baskische Apuko Extrem

De tweede reden waarom ik asap gerecupereerd wou zijn van de marathon van vorige zondag, naast mijn 1000 km uitdaging, is dat mijn eerste ultra trail run in zicht is.

Eind oktober zal ik de Maratón Trail Apuko Extrem lopen vanuit Zamarillo, nabij Bilbao. Door de bossen, over heuvels en bergen gedurende 45,5 km en 2800 of 3500* positieve hoogtemeters zal mijn uithoudingsvermogen op de proef gesteld worden. Het wordt niet alleen een fysieke maar vooral een lange mentale oefening in zelfvertrouwen, kracht en positief denken in een prachtige doch eenzame omgeving.

Dringend tijd dat ik eindelijk trekking poles aanschaf zodat ik er op voorhand kan mee oefenen.

Mijn naam staat in de inschrijvingslijst te blinken als vreemde eend in de bijt tussen een massa Spaanse en Baskische namen. Best wel spannend. En aardrijkskunde is niet m’n sterkste kant want ik schreef eerst Catalaans. Steek het op de drukte van tegenwoordig.

Ik vond er ook een profiel van de hoogtemeters.

En een filmpje van twee jaar geleden dat mij al doet watertanden om dit terrein te belopen. Zeker eens klikken en kijken, ik had ook eerst mijn bedenkingen bij het begin.

*volgens Trace de Trail zullen er 2800D+ zijn en volgens Runedia 3500D+. De waarheid ligt waarschijnlijk ergens tussenin.

Ik kan nog lopen

Het eerste loopje na de IFF-marathon ging lekker. Tijdens de lunchpauze liep ik door mijn vertrouwde Tilleghembos. Het was een zalige manier om energie op te doen tijdens de hectische werkweken van tegenwoordig. Na de pauze kon ik er weer helemaal tegen. 

Ik was content met m’n statistiekjes en mijn uitstekende recuperatie. Op enkele vervelende teennagels na. Als je begrijpt wat ik bedoel. 

Groot hoefblad

Als ik vanuit Brugge een 10 mijlenloopje wil doen, is naar Damme lopen en terug een evidente keuze. Zondagmorgen had ik weer dit genoegen.

Na 3 km lopen, kom ik aan de Dampoort waar de Damse Vaart begint. Je kan links of rechts van het kanaal lopen. Ik verkies om rechts van het kanaal te lopen richting Damme. Dat is op een smal, betonnen fietspad. Aanvankelijk lijkt dat een stomme keuze maar na een tijdje loop je kilometers aan een stuk tussen groot hoefblad. In de zomer althans. Het landschap is feeëriek en spreekt tot de verbeelding. 

Na 8 km bereik je stad Damme om over de brug de tweede helft te vervolmaken. Tijd voor een slok water.

Deze plaatsen halen mooie herinneringen uit m’n kindertijd naar boven. Zorgeloze wandelingen met mijn ouders, broer en zus alsof het avonturentochten waren. Dat ik hier nu vaak kom lopen, vervult mijn hart met vreugde.

Nog meer vreugde wanneer de witte windmolen met rode zeilen aan de wieken voorbijgelopen is en het parcours overgaat in de grasdijk. Tussen twee bomenrijen.

Zo zie je maar. Een zondagmorgen in de polders lopen. Mooie variant van pluk-de-dag.

De Gavers 


De tweelingdochters en hun klas hadden vervoer naar Kortrijk nodig voor een halve sportdag mijn maandag was flexibel. Bijgevolg reed ik maar zat met een gat in mijn agenda. De regio kende ik niet en dan is anderhalf uur lopen niet evident. Na een rondvraag op Facebook en Twitter waar ik in de buurt een mooie 15 kilometer kon lopen, viel de keuze op De Gavers, een natuurdomein in Harelbeke. 


Ik liep door de motregen door bos en gras langs de Gaverbeek en het grote meer. Het waren inderdaad 15 mooie kilometers waarna ik beslijkt maar netjes op tijd de dochters kon ophalen. 

O ja: mijn TomTom-runner werkte onmiddellijk. Betere verbinding met de salliet in het Kortrijkse dan in Brugge? 


Vroeg loopje


Omdat we een nacht weg waren met het werk, kon ik op onbekend terrein lopen. Altijd een extra troef. Om 6 u stond ik op in landelijk hotel Roodhof en om 6u15 vertrok ik op deze leuke weg. Het bleek een netwerk te zijn van verschillende kasseipaden tussen een kasteel en rode hoeves. 


Ik mocht van Runcoach.be een laatste rustige 5 km lopen voor de Trail des Trappistes van zaterdag. Dat deed ik dan maar in 29’29” volledig op grillige kasseien en met bakstenen bezaaide paden want dat leek me een goede voorbereiding voor de ondergrond van zaterdag.


Gisteren schatte ik dat mijn trail van ongeveer 40 km met 920 positieve hoogtemeters me 7 uren tijd zal vergen. Voor wie niet vertrouwd is met de aanduidingen van trail running volgt een korte verduidelijking over de cijfers op de afbeelding hierboven. In totaal loop je 920m verticaal naar boven. En logischerwijs evenveel terug naar beneden. Laagste punt ligt op 239m en hoogste op 435m boven de zeespiegel. De langste klim in één stuk is 160 verticale meter en de langste afdaling in één stuk 190 verticale meter. Op het profielkaartje kan je mooi zien waar die 2 langste stukken liggen. Ik vermoed dat het zwaarste dan voorbij zal zijn maar dan zit ik nog maar aan de helft van het parcours.

 

Het verloop ken ik al uit het hoofd:

  • Start om 11u in Florenville
  • Op 8 km door de Semois lopen na +130m en -190m
  • Op 17 km is de 1ste ravito na +470m en -390m
  • Op 32 km is de 2de ravito na +800m en -760m
  • Op 38 km door de Semois lopen na +830m en -900m
  • Om 18u (???) finish in Florenville na +920m en -920m

Het elkaar snel afwisselen van klimmen en dalen in volle natuur zal het vrij lastig maken. We zullen zien. Mentaal ben ik er helemaal klaar voor. Nog een paar nachtjes van bijna acht uren slaap en mijn body zal in topvorm zijn. 


Enjoy the silence

Proloog: 36 km lopen 2 weken voor je eerste marathon. Dit is niet gebruikelijk in het kader van een marathon training maar in overleg met mijn coach deed ik dit om de faalangst te counteren. Ik werd van nabij gevolgd en was akkoord de loop af te breken indien hij het nodig achtte. Dit paste in mijn persoonlijke training. Het afgesproken tempo van gemiddeld 9km/u moest gerespecteerd worden.

Om 8u trok ik de voordeur achter me dicht in Brugge voor een lange solo run. De stilte van het Begijnhof en het ochtendgloren van het Minnewaterpark, de statige windmolens op de Vesten, alles was mooier door de lentezon.

De Dampoort over en rennen langs de grens tussen Sint-Kruis en Koolkerke naar Damme. Dicht bij de Damse Vaart lopen. Denken aan mijn tienerjaren en ijsschaatsen van Brugge naar Sluis. En terug. Mijn slapende rechterbeen tussen km 4 en 7 negeren in plaats van erover te doemdenken.

Stad Damme ondertussen achter me gelaten. Aan de Siphon stonden exact een uur en 10 km na vertrek mijn man en 2 dochters te zwaaien. Een hapje en water drinken. Doorlopen naar Hoeke waar ze 5 km verder alweer wat nootjes, banaan en chocolade in mijn handen duwden.

De prachtige natuur van de Oostkustpolders waar ik tot mijn achttiende gewoond heb, voelde vertrouwd aan. Tussen Hoeke en Lapscheure ontmoette ik een nest met een koppel ooievaars. Meer moet dat niet zijn. 

Mentaal is 36 km alleen lopen best een uitdaging dus paste ik een trucje van Runcoach.be toe: aftellen i.p.v. oplopend tellen. Zo kwam ik in Lapscheure na 10 mijlen en telde dat het nog maar 20 km lopen was.


En een kilometer verder was het nog maar 19 km. Mentaal een belangrijk keerpunt want nu geen 20 km meer.

Zo stil dat het was. Wat ganzen, konijntjes en kuifeenden later stak ik bij de noorderburen de houten loopbrug van Sluis over om rond haar vesten te lopen naar mijn derde ravito.


Nog 17 km terug naar Brugge lopen. Ik dronk en propte de dadels, sinaasappel en chips dankbaar in mijn mond en vervolgde mijn tocht. Volgende afspraak was weer aan de Siphon.

Ik kreeg het vrij lastig op km 26 met een dieptepunt op km 27 toen een voorbijrijdende wagen toeterde en ik van het schrikken  struikelde over een stuk opgebroken beton. Ik ging op mijn gezicht vallen maar mijn benen hielden me als bij wonder nog juist recht of eerder krom. Zo ontdaan en tegelijk opgelucht dat ik mijn val ontkomen was, stokte mijn adem. De tranen stroomden over mijn gezicht. Geen prettig zicht voor mijn supporters die 100 m verder aan de Siphon op me stonden te wachten.


Het laatste stuk was het zwaarst. Omdat ik me een mislukte loper voelde met 36 km lopen in 4 uren en de grens voelen. Nochtans was dit het plan maar het kostte me meer moeite dan verwacht. Mijn gedachten waren allesbehalve mild voor mezelf.

Nog 7 km tot het Jan Van Eyckplein waar de eindmeet lag bij een terrasje waar manlief en de kindjes me verwachtten. Na 35,85 km in 3h57 – 9,07 km/u. De geplande afstand en snelheid. Opluchting, emotie en bekomen omringd met veel liefde.

30 km North C Trail

North C Trail 2016 from Motomediateam.be on Vimeo.

Gisteren startte ik in Koksijde als deelnemer aan de 30 km van de North C Trail. Aan de startlinie om 10u50 begreep ik al gauw dat het vooral een onderonsje voor mannen betrof. We wachtten op het startsein. De zon straalde goedgezind en door de boxen galmde Sun is shining van Axwell Ingrosso.

Omringd door heel wat testosteron kwam plots de Kortrijkse Sarah naast mij staan met de opmerking dat er niet veel vrouwen waren die deze afstand zouden lopen. Na wat snelle uitwisseling van informatie bleek Sarah zoals ik deel te nemen in het kader van haar marathon training. Ze zal haar vijfde marathon lopen. Ook in april, ook in Nederland maar dan in Rotterdam.

Plots begon iedereen te lopen, het strand op tot in De Panne waar we de duinen indoken. Een natuurgebied met de naam De Westhoek. Ik had Sarah achter me gelaten op het strand maar toen ik foto’s stond te maken, was ze daar weer. Kilometer 7 zou het hoogste punt worden maar belange niet het lastigste.


We babbelden er vrolijk op los in de duinbossen tot het toch vrij hard begon te regenen en ik even stopte om mijn regenjas uit mijn trailrugzak te nemen. Een vriendelijke loper van de 50 km – ondertussen zaten wij op hetzelfde parcours – bood aan mijn rugzak te dragen terwijl we een duin beklommen en ik mijn regenjas aantrok.

Sarah zou ik terug zien bij de eerste eet-en drankpost op 15 km. Zij had haar regenjas al aan toen we startten. Ik at een snoepje, een energiereep, dronk 2 bekers cola uit m’n opvouwbare eco-cup en grapte dankbaar met de andere traillopers en medewerkers van de organisatie. Sarah had ik maar kort gezien want ze had het koud en wou doorlopen. We zouden elkaar niet meer terugzien.

duin

Tot een kilometer of 20 vond ik het een makkie maar plots doken de hoge duinen eindeloos op. De stralende zon was terug, de regenjas trok ik weer uit en het werd drukker door de lopers van de 21 km die er op het parcours bijgekomen waren. Heel wat jonge triatleten die erg op hun snelheid gebrand waren. Fijn moment was toen eentje me voorbij liep en groette met Dag mevrouw. Het was Joachim, een ex-student Sportmanagement van me, die de 21 km liep.


Op 24 km stond de tweede ravito en pauzeerde ik weer voor een babbel, cola en energierijk voedsel.  Mij van geen kwaad bewust. In de waan dat het zwaarste al voorbij was. De laatste 6 km waren echter loodzwaar.

Ik begrijp nog steeds niet hoe ik mezelf voortdurend op de nog hogere, steile duinen van mul zand naar boven kon hijsen. De afdalingen berokkenden me koud zweet van hoogtevrees. Tranen moesten bedwongen worden door mezelf moed in te praten. Dit herhaalde zich een dikke 5 kilometer aan een stuk.

De laatste kleine kilometer was ik zo blij dat ik terug kon lopen op het strand – dat ook mul zand was maar hemels plat – dat de negatieve emoties smolten als sneeuw onder de zon. Een paar meter voor de finish zag ik mijn liefste Runcoach.be die me stond op te wachten. Moe maar trots op mijn verwezenlijking stortte ik me in zijn armen toen de omroeper mijn naam riep omdat ik over het eindpunt gelopen was.

Ondertussen zijn we een dag verder. Gisterenavond was ik erg moe maar een verkwikkende nachtrust en een goede conditie hebben er voor gezorgd dat ik vanmorgen helemaal niets voelde toen ik de trappen op en af huppelde en het huishouden deed. Ik had verwacht dat ik kapot zou zijn. De conclusie is bijgevolg getrokken. Volgend jaar 50 kilometer duinen is mijn nieuwe lopersdroom. I’ll be back!

Vallei van de Zuidleie

  Brugge, Assebroek, Steenbrugge, Moerbrugge, Oostkamp, Beernem. En terug. Deze namiddag liep ik een heerlijke loop met een groot stuk trail door de Vallei van de Zuidleie. Dat vertelden de plakkaten van Natuurpunt me althans.   De zon was mijn enige gezelschap en bracht me samen met het prachtige landschap en de zee van beschikbare tijd op het idee om de geplande 90 minuten lopen uit te breiden naar een trage lange duurloop. 

Uiteindelijk heb ik 3 uren gelopen en getraild en 27 km afgelegd. Voornamelijk in gras en aarde. De modder viel best mee. Grappig detail is dat mijn dikke tenen zo gek aanvoelden. Ik dacht dat het kwam door de natte voeten in combinatie met uitvallende nagels maar thuis merkte ik dat ze mijn vrij nieuwe kousen doorboord hadden.

Trail lopen doet gekke dingen met je voeten. Het is spelen met de ondergrond terwijl een divers aantal spieren aan het werk gezet worden. Spieren die niet gebruikt worden als je op verharde wegen loopt. Snelheid speelt geen grote rol als je trailt. Je vertraagt of stopt om door modderplassen te geraken. Je komt in doodlopende stukjes terecht. Je moet poortjes van Natuurpunt openen en sluiten. Als je duinen (thuis) of bergen (Zwitserland) moet beklimmen, loop je niet maar is het in het beste geval snelwandelen. Trail lopen is onbegrensd en bewegend genieten. Je voelt je één met de natuur.    

Op 5 maart ga ik daarom 31 km lopen op de North C Trail. Duinen en strand. Het zal alvast een goede training voor mijn marathon zijn. (Nog 64 dagen om mij voor te bereiden op mijn eerste marathon.)