Moet Er Nog Slijk Zijn?

Zaterdagmorgen had ik een blind date met twee bikers van de Facebook-groep M.E.N.S.Z. Mountainbike liefhebbers die afspreken om te gaan crossen. Eentje is de zoon van een collega dus zo blind afspreken was het niet. We vertrokken om kwart voor negen in Tilleghembos. Het goot water tot kilometer 40 en ik wist nog niet dat het een heel toffe rit zou worden van een parcours dat ik al een vijftal keer had gereden. De vorige keer was dinsdag en verloren rijden zat er bijgevolg niet in. Het betrof de dikke 50 km Bossenroute door de bossen en velden van Loppem, Zedelgem, Aartrijke, Snellegem, Zerkegem, Jabbeke, Varsenare. West-Vlaamser wordt het niet.

Het was tof omwille van drie redenen:

  1. Modder en slijk à volonté => technisch en zwaarder
  2. Regen => magische natuur
  3. Toffe gasten maar ik was de rapste.

Dat laatste komt misschien raar over maar ik heb dat eens nodig voor het zelfvertrouwen. Het bewijst ook dat ik een heuse leercurve gevolgd heb sedert mijn start met MTB in april. Oefening en training lonen. Klikpedalen baren mij geen zorgen meer doch overweeg ik nog steeds over te schakelen op flat pedals voor de Ardennen.

Toen ik thuis kwam, lachten de toeristen voorzichtig maar ik merkte het wel. Een slijkmonster reed in het historisch centrum van Brugge. Het kostte me dan ook een ruim uur om mijn materiaal te poetsen. Inclusief mijn menselijke machine.

En er moest nog gelopen worden op Levensloop Kortrijk. Voor mijn werkgever Vives. Van een prachtige zaterdag gesproken.

Strong Viking Warrior

Heb ik al verteld dat mijn zus de tofste zus ter wereld is? Eenmaal per jaar verlaat ik mijn comfortzone door met haar een obstacle race te lopen. En te klimmen, kruipen, hangen, trekken, heffen, zwieren, slaan, sjouwen en springen. Bij zo’n OCR komen een resem werkwoorden om het hoekje kijken.

De afspraak was dat als ik een uitdaging niet zou durven door hoogtevrees, ik hem zou overslaan. Maar deze keer had ik slechts één doel: de angst overwinnen en het zelfvertrouwen klaarstomen voor mijn zwaarste sportieve doel van 2017, binnenkort op 8 oktober: de HouffaRaid. Daar kan ik mij geen hoogtevrees permitteren.

De Strong Viking dus. Met zus Nele en haar verre buurman Hans stonden we paraat in domein Puyenbroeck in Wachtebeke. De infrastructuur en de sfeer zouden de niets vermoedende passant laten denken dat hier een festival gaande was. Eet- en drankkramen, picknicktafels, echte en oudere jongeren. Het leek wel iets tussen Pukkel- en Graspop.

De MC van dienst riep door de micro dat we een halfuur voor de aanvang in het startvak moesten klaar staan. Onmiddellijk zag ik daar de bedoeling van in. Een stoere, exotische schone stond op het podium om ons op te warmen met opzwepende muziek. In een ketting, armen rond elkaars schouders met zijn allen aan elkaar vastgehaakt jumpen, trappelen, rekken. De spieren werden losgegooid en opgewarmd. Vuurkanonnen schoten vlammen loodrecht de lucht in.

Iedereen brulde de MC na van Oorah en No Viking is left behind en andere oppeppende teksten. Natuurlijk speelde ik het spel mee. Doch ik was daar om te sporten, hé. Voor mij moest daar geen theater aan toegevoegd worden. Stiekem genoot ik wel. De positieve sfeer zat er goed in.

Het begon met over een muur van drie meter klauteren. Voor iemand als ik is het klimmen zelf geen uitdaging doch er terug afspringen wel. Sommigen vergaten dat er tussen de ruim dertig obstakels ook gelopen moest worden en wandelden. 14 kilometer in totaal. Fijn voor hen maar ik had een training nodig. Nele en ik hebben geen halve dagen op overschot in onze agenda’s dus rende ons trio een heuse interval looptraining bij elkaar die afgewisseld werd met krachtpatserij. De ene keer waren dat evenwichtsbalken waar je al dan niet een duel met schild en knuppel uitvocht. Wie verloor moest tien burpees als straf uitvoeren dus ik mepte na een minuut katjesspel de Nederlandse man die mijn onfortuinlijke tegenstander was van de boomstam af. Het verrassingseffect uitgespeeld. Geen burpees op mijn agenda vandaag. Lopen naar het volgende obstakel.

We moesten onderste boven hangend met handen en voeten aan een koord 10 meter een waterplas overschuiven. Dit vergde een techniek die ik niet onder de knie had dus bibi haalde de overkant net niet en viel in het water en voelde zich even een muskusrat. Slijkwater drong overal binnen en het smaakte erg vies. Lopen naar het volgende avontuur.

Later volgden nog reeksen steile modderbergen en zuigende modderpoelen maar de strafste hindernis was toch wel de Fjord Drop. Hiervoor moest je niet fysisch sterk zijn doch over stalen zenuwen beschikken.

Deze hoge en extreem steile glijmuur deed je letterlijk vallen, over het water vliegen en dan versuft neerploffen met een niet te evenaren gevoel van ongeloof.

De waarheid gebiedt te vermelden dat ik dit eigenlijk niet durfde. Angstzweet en slappe benen, weet je. Dat ik tegen de man die mijn ging afduwen zei dat ik niet wilde. Niet.

Ik durf echt niet, zei ik maar hij duwde me zachtjes de diepte in.

Straf maar ik was hem dankbaar. Life starts outside the comfort zone. Dit had ik niet willen missen. Feeling alive and kicking.

Juichend liepen we verder. De adrenaline gaf me vleugels en ik nam de monkey bars alsof het niets was.

Ik voelde me sterk, beheerst maar ook het kleine meisje dat in de jaren ’70 met de buurjongens en neven ravotte in het slijk van de polders. Toen besefte ik nog niet dat vrouwen niet onder moeten doen en even goed hun mannetje kunnen en mogen staan. Oorah!

Mijn schat Runcoach.be en de dochters waren meegekomen om te supporteren. Zij mochten frietjes eten terwijl de mama alle modder en vuil ging afwassen onder de met tuinslang geïmproviseerde maar erg welgekomen koude douche. 🙂

27 km genieten van de Trail des Fantômes

Zaterdag trotseerden Kelly en ik ruim 27 km woeste Ardennen in de regen en modder. We stegen hierbij verticaal 1043 meter tussen de glibberige boomwortels en blinkende rotsen. Ik had nergens anders willen zijn en niets anders willen doen.

We startten allebei met ons ultra lichtgewicht regenjasje want het regende en dat zou niet meer ophouden. Maar na een kilometer speelden we het uit want koud hadden we niet. De inspanning van de eerste helling op te lopen, verwarmde onze lijven.

Samen uit, samen thuis. Stap per stap zonder flauw doen. Doorbijten als het moest. Weten dat aan elke klim een einde komt en dat zelfbeklag nog nooit iemand vooruit heeft geholpen.

Sommige stukken waren rauw en genadeloos, andere sprookjesachtig verraderlijk maar steeds technisch. Het parcours liep volledig naast, doorheen en dicht bij de Ourthe die we twee maal doorwaadden. Heerlijk om de kuiten te verwennen na soms zure klimpartijen.

Zelf namen we geen foto's om ons volledig op de prachtige natuur en de gladde ondergrond te kunnen concentreren. Hierbij dank ik dan ook Facebook friends Jos en Roland voor de foto's. De professionele foto's zijn van sportfotograaf Geoffrey Meuli.

Angst de kop indrukken

Een jongetje was dol op paardrijden tot hij een dag van het paard viel. Daarna heeft hij nooit meer op een paard gezeten. Een begrijpelijke reactie maar wel jammer. Geen idee of ik mijn kind zou verplichten om verder te gaan paardrijden maar zelf besefte ik dat na mijn val van drie dagen geleden waarbij ik over kop ging, op mijn hoofd viel en mijn mountainbike op mij, zo snel mogelijk terug op die fiets moest springen. Ik ben dan ook een volwassene die dat inziet en volledig zelf kan beslissen hoe ik daarmee omga.

De ochtend na de val ging het trail lopen niet lekker wegens een linkerbeen dat toch meer gehavend bleek dan verwacht. De voorziene MTB-training van de namiddag werd afgelast en de volgende dag – gisteren dus – stond plots onverwacht rust op het programma.

Daarvoor kwam ik niet naar de Ardennen, hé.

Het werd een dag bij onze noorderburen met veel sauna, warme baden, koude baden en lezen in een boek over digitale marketing en in Franse bladen over trail running. Ach, het regende toch pijpenstelen.

Vandaag brak onze laatste dag in Spa aan. Runcoach.be en ik startten vanmorgen op MTB-route 5 om bij de splitsing na ongeveer 20 km verder te fietsen op route 6. Dat gebeurde niet zonder slag of stoot. Het had niet alleen gisteren maar ook de hele nacht ferm geregend dus de grond was nat wat enerzijds voor gladde steentjes en rotsen zorgde en anderzijds voor zachte modder en waterplassen.

Route 5 is het parcours waar ik donderdag na 18,5 feilloze offroad kilometers op de grillige heuvels en over boomwortels en sparrenappels ineens gevallen was. Op die plaats was ik mijn zuurverdiend zelfvertrouwen kwijtgespeeld. De Plek des Onheils had ik liever vermeden want ik wist zeker dat mijn zelfvertrouwen daar niet ergens als een item op de grond voor het oprapen lag. De regen zou het trouwens weggespoeld hebben. Enfin, ik had helemaal geen zin om daar weer te passeren maar de eerste 20 km van route 6 vallen onvermijdelijk samen met deze weg. Het was met een klein hartje en met halfvol vertrouwen in mijn Runcoach.be dat ik fietste. Voor het eerst fietste ik voor het (trainings)resultaat en niet voor het genot van de rit.

Dat ik na 4 kilometer tijdens een beklimming van een rots met mijn klikpedalen omviel was te wijten aan mijn koersbroek met extra stevig zeem die eigenlijk een maat te groot is. Ik moest rechtstaan op de pedalen en naar voor hellen om niet achterom te slaan want mijn voorwiel loste de grond door de hellingsgraad. Dat ging goed tot ik weer op mijn zadel wou zitten. Mijn zeem hing te laag waardoor hij vasthaakte aan mijn zadelpunt, ik mijn evenwicht verloor en naar rechts omviel. Een blauwe plek op mijn kont en een dikke sorry, het is niet erg, ik kan het echt wel, tegen Runcoach.be die natuurlijk geschrokken was. En innerlijk zei ik tegen mezelf dat het gedaan was met sukkelen.

Vervrouw je, trek die broek hoger en niet flauw doen!

Gelukkig zou dit de enige valpartij van de volledige rit worden. Bovendien was het zo dat ik na het passeren van de Plek des Onheils bij toverslag toch genoot van de rest van de rit. Goed voor 28 kilometer onverhoopt genot. Ik zou kunnen liegen en schrijven dat ik in stijl en met glans de Plaats der Val getrotseerd heb doch ik ben geen heldin. Ik ben afgestapt en met een inwendige vloek en mijn mountainbike in de hand naar beneden gestapt.

Vandaag deed ik een aantal MTB-dingen voor het eerst. Want ik ben nog steeds een beginner die in april voor het eerst op een mountainbike kroop. Het betreft door de modder en plassen crossen (mjammie!), over de duizend positieve hoogtemeters bijeen fietsen in één rit en beekjes doorsteken (watercrossing).

Er is nog veel werk aan de winkel om mijn hoogtevrees in de afdalingen te overwinnen maar ik geef niet op. En dát gevoel geeft mij veel energie en levenskracht.

De Gavers 


De tweelingdochters en hun klas hadden vervoer naar Kortrijk nodig voor een halve sportdag mijn maandag was flexibel. Bijgevolg reed ik maar zat met een gat in mijn agenda. De regio kende ik niet en dan is anderhalf uur lopen niet evident. Na een rondvraag op Facebook en Twitter waar ik in de buurt een mooie 15 kilometer kon lopen, viel de keuze op De Gavers, een natuurdomein in Harelbeke. 


Ik liep door de motregen door bos en gras langs de Gaverbeek en het grote meer. Het waren inderdaad 15 mooie kilometers waarna ik beslijkt maar netjes op tijd de dochters kon ophalen. 

O ja: mijn TomTom-runner werkte onmiddellijk. Betere verbinding met de salliet in het Kortrijkse dan in Brugge? 


Customer experience Trail des Trappistes

Een modern, succesvol bedrijf zorgt dat zijn klanten en personeel ambassadeurs van hun merk worden. Ik interpreteer hierbij vrij de woorden van marketing specialist Steven Van Belleghem. Zorg als bedrijf voor een optimale customer’s experience zodat het AIDA-model (Attention, Interest, Desire, Action) versterkt wordt door het ADIA-model (Acknowledgement, Dialogue, Incentiviastion, Activation). Bouw een sterke emotionele band op met je klanten door hen te bedanken voor hun trouw. Vervolgens maak je het mogelijk dat er dialoog is tussen je klanten. Voorzie een platform, faciliteer de conversatie, luister en neem eraan deel waar nodig. Beloon de klanten functioneel en emotioneel voor hun trouw. Activeer tenslotte het conversatiepotentieel van de klanten.

Vergeef me dat ik deze ene keer bij het bloggen niet kan laten een deel van het werk en een deel van mijn privé-leven te vermengen. Beiden zijn passies die elkaar hier mooi raken. Het mag gezegd worden dat op gebied van inbound marketing Sportevents.be een very good practice is met zijn prima producten die voor een topervaring zorgen, de communicatie strategie, de excellente service en de conversaties op de social media. Het resultaat is dat ik na deel te nemen aan twee van hun evenementen (North C Trail en Trail des Trappistes) fan ben en vol vertrouwen uitkijk naar een volgende deelname.

Maar hoe zag die top customer experience er nu voor mij uit?

Het begint al ettelijke dagen voor het evenement en eigenlijk start de beleving al bij de inschrijving. Via de bedrijfswebsite kan je alle nodige info consulteren en dagdromen bij de technische fiche van het parcours met landkaart en profiel van de beklimmingen en afdalingen.

kaart

hoogte

Je visualiseert je tocht, geniet al op voorhand maar hoopt tegelijk dat je je persoonlijk sportief doel zal halen. Voor sommigen is dat een tijdsdoel, voor anderen is dat het halen van de eindmeet. Bij mij was het: genieten van de natuur tijdens het lopen eindigen na 7 uren. (Maar het lukte me een pak sneller dan geschat 🙂 ).

Ondertussen broedt er allerlei content op Twitter, Facebook en Instagram. Je voelt dat andere deelnemers net al even opgewonden zijn omdat race day nadert. Hier zie je een voorbeeldje van een Facebook-post door Trail des Trappistes, 2 dagen voor het evenement. 213 likes, 43 commentaren en 61 keer gedeeld. Dat is niet weinig voor een evenement waar 1892 mensen aan deelnamen. Het kriebelt al bij de deelnemers.

semois.png

Zelf postte ik regelmatig over mijn trainingen op Instagram en mijn blog waardoor het automatisch ook op mijn Twitter- en Facebookaccounts kwam. Bijvoorbeeld toen ik daags voordien mijn ‘compulsory’ gear klaarmaakte en een foto op Instagram plaatste.

gear.png

 

Op vrijdagavond vertrokken Runcoach.be en ik met een volgeladen auto naar camping La Rosière op 500 meter van de start. Het was nodig zo dicht mogelijk bij de start te logeren want hij moest om 4u ’s morgens vertrekken voor zijn trail van 100 km. Met de wagen van naar de startplaats rijden was geen optie want ik moest er ook nog geraken voor mijn start om 11u voor mijn trail van 39,9 km.

We haalden ons borstnummer in de evenemententent op het dorpsplein van Florenville. Als aandenken kregen we van de organisatie een mooie buff met het logo van de trail. Daarna aten we een heerlijke pasta om nog wat te carboloaden. We dronken veel water en een lekkere Orval – ook om te carboloaden. Het trendy restaurant zat vol pasta-etende lopers. Fijn is dat.

dossard

Alzo sliepen wij in een tentje op een camping naast de Semois. Om 20u in bed en zoveel mogelijk slapen tot de wekker ging om 3u. (Toch maar een kwartier vroeger gezet 😉 ) Daarna sliep ik niet meer goed want mijn tent was zo leeg zo alleen en vooral: ik hoopte dat Runcoach.be niet te zwaar zou afzien terwijl ik nog nachtrust had. Dat hij bij het oversteken van de Semois struikelde, volledig frontaal in het water viel en daarbij zijn scheenbeen verwondde, heb ik pas achteraf vernomen. Hij verloor erdoor zijn sterke positie op kop maar eindigde alsnog 21ste met een prachtige tijd van 11u 39min.

Om 8u stond ik op en vond het best aangenaam om dankzij het kamperen direct in de natuur te zijn. Ik ruimde de tent op, ontbeet en maakte me klaar om ruim op tijd naar het dorpsplein te trekken. In de grote tent dronk ik koffie en observeerde de andere deelnemers. Al gauw kwam de française Delphine naast me zitten. Ze woonde in de buurt en nam deel ter voorbereiding van de marathon van Chamonix over 4 weken. Omdat er in verhouding telkens weinig vrouwen deelnemen op de trail afstanden die ik loop, schept het een band en trekken vrouwen elkaar automatisch aan, is mijn uitleg. We zouden samen starten.

Na 10 kilometer liet ik haar gaan want ik durfde haar tempo niet blijven volgen uit schrik voor wat nog moest komen op de volgende 30 kilometer. We hadden de Semois al overgestoken op 8,2 km en het ijskoude water deed deugd aan mijn kuiten maar het duurde toch even voor mijn voeten niet langer als ijsklompen voelden. De watercrossing had me de weken vooraf best wat gepieker bezorgd maar het was uiteindelijk een heerlijke ervaring. Ik voelde me compleet en sterk en vrij en deel van de natuur. Gelukkig wist ik op dat moment niet dat Runcoach.be daar gevallen was en dat hij erg ongerust was dat ik onderweg een blessure en/of schrik zou krijgen. We hadden afgesproken dat we elkaar geen berichten zouden sturen. Onze toestellen waren immers waterdicht verpakt. Geen nieuws was goed nieuws.

Op de eerste ravito van 17 km, dronk ik gauw een beker cola en gritste 2 stukken chocolade-cake mee die ik snelwandelend naar boven verorberde. Na 21 km was ik tot mijn verbazing nog maar 2u21 bezig. Even hoopte ik in nogmaal zoveel tijd te eindigen maar dat was buiten de technisch zware klim op 22km gerekend. Het was naar boven klimmen op de rotsen met handen en voeten. Door de intensieve inspanningen vooraf was mijn looppas niet meer stabiel genoeg om zonder behulp van mijn bovenste ledematen te gaan klauteren. Het duizelde in mijn lijf dat wel een ton aanvoelde en ik was blij dat ik boven was. De talrijke klimpartijen gevolgd door afdalingen maken een trail run gevarieerd maar tegelijk erg zwaar. Omdat de dijspieren en kuiten gevoelig worden door het klimmen, ben ik erg voorzichtig met de afdalingen. Je voelt je zweven, vliegen en net niet vallen als je te snel naar beneden loopt op de bospaden met bruine bladeren die slijk, boomwortels en stenen verbergen waarover je echt niet wil struikelen.

Het was de enige dag in een reeks regenachtige dagen dat het niet regende. De zon scheen maar in de bossen had ik daar geen last van. Zweten deed ik wel. Ik droeg een professionele sportzonnebril van Cébé, speciaal voor trail running. De product beleving hiervan zal ik in een volgende blogpost beschrijven. Hij oversteeg alle verwachtingen. Het enige vervelende was de talrijke aanwezigheid van vliegjes. Na een tiental exemplaren zowel via mond als neus in te slikken, gebruikte ik mijn buff als masker want plezant is anders.

Plots was ik 32 km verder en bereikte de tweede en tevens laatste ravito voor alweer cola en cake. Persoonlijk vind ik 2 ravito’s voldoende want ik droeg immers een rugzak met 3 liter drinkwater. De overweldigende beleving van eenzaam in de bossen te lopen – daarvoor doe je het toch – zou ook niet voldoende tot zijn recht komen als er om de 5 kilometer een rustpost zou zijn.

De tocht eindigde met een saai stuk vals plat naar boven langs de rijweg gevolgd door een glibberige afdaling in een bos om met een erg pittige klim de dorpskern van Florenville te bereiken. Tijdens die laatste klim liep ik Runcoach.be tegen het lijf die absoluut niet verwacht had dat ik nu al zou aankomen. Hij was klaar en op weg naar de camping om zich te verfrissen.


Natuurlijk was ik content en fier door zijn verbazing. Zelf had ik geschat dat ik 7 uren zou nodig hebben en hij gokte op misschien wel 8 uren maar eenmaal op de straten van het dorp liep ik met een laatste sprintje blijgezwind onder de boog van de finish na 5u34min. Tijd voor de beloning: een trappiste Rochefort.


Tillegembos

  
In de kleuterklas mochten we bij mooi weer in de late lente de Zilverstraat verlaten om met een oranje bus van het openbaar vervoer naar Tillegembos te gaan. Dat is één van mijn fijnste herinneringen aan mijn kleuterschooltijd. We picknickten op het glooiend grasveld van de tuin van de zusters. We plukten boterbloemen en madeliefjes om bloemenkettingen te maken. We ravotten eindeloos in de speeltuin met zand. Dat waren de gelukkigste dagen op school.

Altijd als ik in Tillegembos loop, denk ik daaraan. Vandaag was het niet anders.