Canitrail met Duitse Herder

Roodkapje met de wolf in het bos maar dan de niet-agressieve versie. Zo voelde ik me deze morgen toen ik 6 km trail running in de bossen van Stavelot deed met 170 positieve hoogtemeters en een gehoorzame hond naast me. Uiteraard aan de leiband.

Gedurende 38 minuten zoefden we over een bladerdek met boomwortels en rotsblokken. Zelfs in de technische afdalingen liep ze perfect naast me zonder trekken. Ik was heel benieuwd hoe ze zich zou gedragen en vreesde op voorhand dat ze me naar beneden zou trekken maar ze bleef trouw naast aan mijn linkerzijde geleid door mijn tempo.

Dit is de eerste keer dat ik met een hond ben gaan rennen. Het smaakt absoluut naar meer! (Waar is de tijd dat ik bang was toen ik honden op mijn loopparcours ontmoette?)

Een bewogen loopweek

Vorige week zaterdag was ik zwaar onder de indruk van mijn vetpercentage dat de voorbije maanden naar 31% gestegen was. Bovendien barstte de donderdag daarvoor een mens in de kleedkamer van de fitness in lachen uit toen ik mijn benen in een spannende loopbroek murwde. Ben je zeker dat je erin past?, vroeg ze. Hmm.

Het besluit was snel getrokken. Sedert vorige zondag schakelde ik resoluut over naar een koolhydraatarm voedingspatroon. Geen vuiltje aan de lucht en goed voor mijn zelfvertrouwen. Donderdag zou ik een duinenloop van 30 km ondernemen met Runcoach.be.

Helaas. Het werd donderdag maar een acuut geval van extreme stress dook op. Runcoach.be herzag bijgevolg het trainingsplan. Een dikke 20 km zou volstaan in dit noodgeval. Het starten vergde veel energie want mijn lijf stond stijf. Toch genoot ik de eerste 9 km van de voorjaarszon die de duinen, het strand en de zee inkleurden. Maar toen liep mijn batterij ineens leeg. Op. De glycogeenvoorraad was op door mijn eetpatroon in verandering. Mijn lichaam was een wagen met een lege benzinetank. Combineer dat machteloze gevoel met de heersende stress en na 15 km was ik een wrak in de duinen. Gedaan met de looppret. Teleurstelling alom want dit was een test voor de North C Trail op 11 maart.

Gelukkig schept elke dag terug nieuwe kansen. Vrijdag volgde een zware doch fijne lesdag. In de lunchpauze had ik afgesproken met een collega. We willen graag in duo de HouffaRaid doen. Dat is achtereenvolgens samen 28 km mountain bike, 2 km kajak, 13 km trail run, 26 km mountain bike, 2 km kajak en 5 km bike run. Ik kan er een paar kilometers naast zitten voor het fietsen, maar alla. Onder voorbehoud dat het in de nazomer van 2018 ingericht wordt en wij een plaats bemachtigen, gaan we dit samen doen als twee slimme, sterke blondjes.

Gisteren had ik dan een mama-kindjes-dag. ’s Avonds gingen de drie jongsten logeren bij oma en opa. De oudste ging op zwier in Antwerpen en de eerste trein terug nemen. Zo gaat dat als ze zeventien zijn, al als kind alleen het vliegtuig namen en op hun zestiende al een periode op kot zaten in Cambridge. Zelfstandig verstandig maar altijd met communicatie, afspraken en immer bereikbare ouders. Het was dus verdacht stil in huis met enkel wij en slechts een veertienjarige flinke meid.

Vanmorgen piepte de zon door de kieren van het rolluik. Toch maar een dikke boterham verorberen voor de koolhydraatjes.


Ik legde ik een briefje op de ontbijttafel dat Runcoach.be gaan lopen was en ik nu ook.

Ik liep eerst 3,5 km langs de vesten en profiteerde van elke molenheuvel. De krokussen priemden zich door het gazon en in een hoge holte van een dikke boomstam zag ik een kraaiennest doordat het mannetje op de wacht stond. Het vrouwtje stak enkel met haar kopje buiten. Lente in zicht!

Over de Dampoort en het drukke kruispunt gelopen, nam ik het fietspad langs de Damse Vaart tot in Damme.



Op de brug pauzeerde ik even om te drinken en toch maar een gelleke op te zuigen. Wat hou ik van deze plek uit mijn kindertijd!


Ik had een dikke acht km op de teller en zou rechtsomkeer gemaakt hebben om aan de afgesproken 16 km te geraken maar ik wist dat niemand op mij wachtte (pubers slapen toch lang uit) en permitteerde me een extra stuk aan deze loop te breien.

Op de grasdijk van de andere kant van het kanaal liep ik terug richting Brugge tot het graspad overging in asfalt. Dan keerde ik even terug richting Damme om het wandelpad in de velden naar het bos van Fort Van Beieren te nemen.

De speeltijd was begonnen want overal ontdekte ik heuveltjes en slingerpaden. 14 km gelopen en ik rekende snel uit dat teruglopen een halve marathon zou opleveren.


De enige pretbederver was een wandelaar met loslopende hond. Ja hoor, het dier kwam aangelopen en sprong enthousiast op mij terwijl het baasje zenuwachtig riep dat hij niets doet hoor! Ik heb mijn best gedaan beleefd te schelden en ware het niet dat ik zo kwaad was, het was grappig geweest. Nogmaals: houd uw honden aan de lijn in de bossen en op het strand.

Ik ben dan uit het bos gevlucht maar na een tijdje teruggelopen omdat ik vastliep in een woonwijk die me somber stemde en in de verkeerde richting lag. Het bos was haar magie kwijt door potentieel achter bomen loerende viervoeters.

Maar na het bos, de rest van de vaart en de rest van de Brugse Vesten, noteerde ik ruim een halve marathon in mijn logboek. Gemiddelde tijd per kilometer: 6’25”. Dat neemt geen hond me af.

Trail des Gueules Noires

Versleten. Zo zag ik er zaterdag uit na 55 km. Sinds ik zo intensief loop, kan me het eigenlijk nog bitter weinig schelen of ik lelijk op een foto sta. Eind vorig jaar droomde ik dat 2016 het jaar van mijn marathon zou worden. Het werden er twee met een trail run van 40 km er tussen in. Toen lonkte ultra trail. Waar een marathon stopt op 42,195 km, start ultra. Waar een wil is, is een weg en de volhouder wint.

Het plan om in de Pyreneeën een ultra te lopen mislukte eind oktober. De hoogtemeters waren te geconcentreerd, het was te gevaarlijk en onmogelijk. De Apuko Extrem was te extreem. Ik had alles gedaan wat ik kon maar de teleurstelling bleef een beetje hangen. Mijn allereerste DNF. Did Not Finish. Nooit plezant.

Het leven is vallen en opstaan. Failure = leren. Ik ben daar heel nuchter in geworden. Mijn oog viel op iets om de DNF in Spanje definitief te verteren. De totaal onbekende, kleinschalige Trail des Gueules Noires in Blegny. Georganiseerd door ongelooflijk sympathieke plaatselijke vrijwilligers. €12 wedstrijdgeld inclusief een spaghetti en drankje na de finish. Ter ondersteuning van twee goede doelen. Ondanks de opgestapelde vermoeidheid en enkele nachten van 3 à 4 uren slaap de werkweek voordien, reden Runcoach.be en ik vorige vrijdagavond toch recht van mijn werk naar Luik. Gelukkig kon ik de nacht voor de trail slapen als een roos in een nochtans luidruchtig motel zodat ik zaterdagochtend fris als een vis vol goede moed startte.

We begonnen op het plateau van Herve in weiland. Wit bevroren grassprietjes kraakten onder onze voeten. Ik was in de zevende hemel. De eerste terril opklimmen gebeurde met een grote glimlach. Runcoach.be zou niet op zijn tempo lopen maar voortdurend bij mij blijven. Kwestie van me te coachen maar ook als quality time onder elkaar. Samen iets doen wat je leuk vindt met je partner is erg belangrijk. (Later als we bejaard zijn, graven we onze herinneringen op: weet je nog die keer toen we een ultra liepen in Luik? Hohoho!)

herve

Er kwamen bossen met heuvels en een ondergrond van koffiegruis. Op de flanken blijven zonder wegzakken naar beneden was hier de uitdaging. Ik was ontspannen maar had een foute slip aan. Een katoenen onderbroek die begon te schuren aan mijn liezen. Niet aan denken. Niets aan te doen. Veel te koud om te stoppen en alles uit te trekken. Gewoon het ongemak bannen uit mijn brein.

Na 23 km wachtte ons de eerste ravito met soep, chips en cola. Eerst weigerde ik de soep omdat mijn buik rommelig was maar dan dronk hem toch voor het zout op aanraden van Runcoach.be. So far so good.

We liepen door de prachtige Vallei van de Julienne met korte doch ijskoude watercrossing richting Visée. Toen sloeg het noodlot toe. Was het het parcours dat plots zo lelijk was geworden? Plots lagen overal vuilniszakken en stort in de bossen en we liepen kilometers langs de autosnelweg met het angstaanjagend geluid van verkeer dat voorbij raasde. We hadden best al wat lastige klimpartijen gedaan maar ik had niet verwacht dat ik het al na 35 km zo lastig zou krijgen. Mijn linkerknie begon tegen te werken. In de afdalingen deed hij zodanig veel pijn dat ik niet meer snel naar beneden kon lopen. Eerst gewoon zeurderig maar na een tijdje huilde ik van de pijn. Tijd om mijn trekking poles uit te halen. Een snelle rekensom bracht Runcoach.be tot de conclusie dat ik moest stoppen.

Je kan niet zomaar overal stoppen tijdens een trail run. Als je midden in een bos of heuvel zit, moet je verder. Je bent onbereikbaar voor vervoer zodat je wel moet doorlopen tot een berijdbare weg. Ik legde me halvelings neer bij een abandon maar toen we eindelijk een weg bereikten, had ik me bedacht en hoorde mezelf volgende woorden fluisteren: ‘Ik wil niet stoppen!’. Pijn is tijdelijk maar de overwinning is voor altijd. ‘Ik ga nog door tot ik net voorbij marathon-afstand ben’, zei ik. De troostprijs in ruil voor een DNF zou een +43 km zijn. Magere troost of verstandige beslissing door het risico op langdurige blessure? Dat laatste deed me twijfelen maar de wilskracht overwon.

Natuurlijk besefte ik dat het niet beter zou worden en dat het klimmen en afdalen op lastige ondergrond niet zou verminderen waardoor ik al snel berekende dat ik op die manier misschien 8 uren zou doen over marathon afstand . Na 40 km deed ondertussen ook mijn rechterknie pijn tijdens het afdalen. Terwijl je normaal de trage kilometers van het klimmen deels compenseert met het snellere dalen, was het bij mij omgekeerd. Beide knieën brandden bij het afdalen waardoor ik trager daalde dan steeg. Afdalen werd kermen van de pijn. Vloeken ook. Om te huilen. Wat ik dan ook deed. De tranen vloeiden rijkelijk en Runcoach.be wist niet meer wat hij het best kon zeggen. Hij liep steeds 30 meter voorop en wachtte me op. Hij triggerde mijn weerstand afwisselend door te zeggen dat ik beter zou opgeven maar moedigde me tegelijk aan. Ik was woedend op mezelf omdat mijn knieën niet meewilden, razend omdat ik op mijn grens zat maar ik had op geen enkel ogenblik zelfmedelijden. ‘Je moet!’, zei ik voortdurend hardop alsof het een mantra was. ‘Ik kan het! Ik wil het! Ik geef NIET op!’

Het werd donker en we liepen twee keer verloren in de bossen. Alsof het uitgestippelde parcours van 53 km niet lang genoeg was. Sinds 47 km liep ik niet meer maar strompelde zelfs op de vlakke stukken. De laatste kilometers was ik weg in trance en besloot om de ontsnapte border collie die sinds km 45 naast ons liep te adopteren. De kinderen zouden blij zijn. Weiland en bos en reusachtige molshopen van de Waalse mijnbouw. Industrieel erfgoed dat de natuur herschiep. Het leek een eindeloze aaneenschakeling van op en neer gaande landschappen waar een onzichtbare kracht me door duwde.

De geur van de eindmeet lonkte en we bereikten met de hond die we al ‘Moatje’ gedoopt hadden een dorp. ‘Blegny! We zijn er!’ huilde ik van geluk. Op het dorpsplein was een feestje. Kerstmutsen, vuurkorven en bier. ‘Blegny?!’ riep ik? ‘Bon courage, c’est par là. Encore 4 kilomètres tout droit!’ antwoordde een jongeman. Ik hoopte dat hij ons in het ootje nam maar de oranje pijltjes en lintjes van het parcous bevestigden zijn woorden. We doken terug een donker weiland in tussen de koeien. De hond was in het dorp gebleven. Dat leek ons toch de beste oplossing.

Nog een laatste hobbel-bos, een laatste hobbel-asfaltweg en toen de poorten van de hemel: we liepen de speelplaats van de gemeenteschool van Blegny binnen. Ik kon het niet geloven dat ik dit volbracht had. Applaus van de andere deelnemers bracht de laatste tranen naar boven en ik gooide me in de armen van Runcoach.be om hem te bedanken voor zijn engelengeduld. Met een dikke tien uren lopen, klimmen en strompelen en soms kruipen in de afdalingen was ik voorlaatste van de finishers. Hoeveel deelnemers onderweg gestopt waren, weet ik nog niet maar de organisator zei dat het er behoorlijk wat waren door het lastig parcours.

De rollercoaster van emoties was niet mals. Langdurig diep gaan, doet wat met een mens. Het tandklapperen kon ik niet onder bedwang houden en Runcoach.be legde uit dat ik koorts gemaakt had zonder me daar bewust van te zijn. In stress-situaties schakel je bepaalde gevoelens uit door een mysterieuze oerkracht, dacht ik. Zo moe dat ik was, kostte het mijn laatste energie om te douchen. Ik viel vroeg in slaap maar ontwaakte alweer om half één. De hormonen stroomden door mijn lichaam en mijn benen deden zoveel pijn dat ik ze niet eens kon wegdenken. Pas rond een uur of vijf ’s ochtends kon ik terug slapen. Dit zou ik van mijn leven niet meer doen.

Zondag reden we naar Valkenburg om te recupereren met warme baden en sauna. De emoties waren gezakt tot het niveau: Ik zal nog 50 km trail lopen op de North C Trail met Sarah want dat is ‘beloofd’ maar dan beperk ik me terug tot marathon afstanden. Of maximum 45 km. Mijn besluit het hier nu bij te laten was al terug aan het milderen. Want zonder die kniepijn had ik ongetwijfeld de volle 55 km genoten.

 

 

Honden en andere gevaren langs het jaagpad

 Tijdens de balletles van mijn tweeling ben ik gaan lopen langs het kanaal Brugge-Oostende. Had ik me even mispakt. Ondanks het verbodsteken voor verkeer werd ik langs het jaagpad door wel 30 voorbij vlammende (vrachtwagens) verrast. Geen fietspad. Geen voetpad. Dit was onveilig.

Pas na enkele kilometers hield dit op en kon ik deze foto maken. Ik besliste door te lopen tot de brug van Nieuwege om aan de andere kant van het zeekanaal te terug te lopen. Daar was geen verkeer.
Het gemotoriseerd verkeer was geweken maar even voor de brug spotte ik in de verte het silhouet van een Dobberman zonder leiband. Angstzweet brak uit. Hopen op het beste. Niet vrezen dat het beest op mij zou springen, laat staan bijten. Toen zag ik het baasje. “Hallo, hey Jim!”, riep ik. Het was een ex-student Sportmanagement van me die nu het biercafé Bistro Nieuwege uitbaat. Mijn angst voor de hond was snel weg.

Ongeveer 45 minuten rustig lopen, had mijn coach gezegd. Klein probleem: niet overal zijn bruggen om terug aan de goede kant van het kanaal te geraken. Ik had 10 km gelopen in 56 minuten maar ik schatte dat er nog 2,5 km afstand naar de balletschool te overbruggen was. Het was te koud om te wandelen. De beste oplossing leek een traag loopje als afsluiter. Wat ik dan maar deed. 

Strandjutten

 Ik ga er niet veel woorden aan vuilmaken. Het lopen van deze ochtend staat zeer hoog in mijn ranking van mooiste-loopjes-ooit.

De zee met alle zintuigen proeven. Springen over 101 zeeslootjes. Voorzichtig over de golfbrekers hollen. Zo dicht mogelijk bij de branding lopen. Schelpjes die onder je voeten kraken. Helaas ook 2 honden die me omver liepen maar ik kon er nog om lachen.
Runcoach.be voorzag een rustig loopje van minstens 1 uur. Anderhalf uur of duinen – hoe komt hij erbij – mochten niet.