27 km genieten van de Trail des Fantômes

Zaterdag trotseerden Kelly en ik ruim 27 km woeste Ardennen in de regen en modder. We stegen hierbij verticaal 1043 meter tussen de glibberige boomwortels en blinkende rotsen. Ik had nergens anders willen zijn en niets anders willen doen.

We startten allebei met ons ultra lichtgewicht regenjasje want het regende en dat zou niet meer ophouden. Maar na een kilometer speelden we het uit want koud hadden we niet. De inspanning van de eerste helling op te lopen, verwarmde onze lijven.

Samen uit, samen thuis. Stap per stap zonder flauw doen. Doorbijten als het moest. Weten dat aan elke klim een einde komt en dat zelfbeklag nog nooit iemand vooruit heeft geholpen.

Sommige stukken waren rauw en genadeloos, andere sprookjesachtig verraderlijk maar steeds technisch. Het parcours liep volledig naast, doorheen en dicht bij de Ourthe die we twee maal doorwaadden. Heerlijk om de kuiten te verwennen na soms zure klimpartijen.

Zelf namen we geen foto's om ons volledig op de prachtige natuur en de gladde ondergrond te kunnen concentreren. Hierbij dank ik dan ook Facebook friends Jos en Roland voor de foto's. De professionele foto's zijn van sportfotograaf Geoffrey Meuli.

Angst de kop indrukken

Een jongetje was dol op paardrijden tot hij een dag van het paard viel. Daarna heeft hij nooit meer op een paard gezeten. Een begrijpelijke reactie maar wel jammer. Geen idee of ik mijn kind zou verplichten om verder te gaan paardrijden maar zelf besefte ik dat na mijn val van drie dagen geleden waarbij ik over kop ging, op mijn hoofd viel en mijn mountainbike op mij, zo snel mogelijk terug op die fiets moest springen. Ik ben dan ook een volwassene die dat inziet en volledig zelf kan beslissen hoe ik daarmee omga.

De ochtend na de val ging het trail lopen niet lekker wegens een linkerbeen dat toch meer gehavend bleek dan verwacht. De voorziene MTB-training van de namiddag werd afgelast en de volgende dag – gisteren dus – stond plots onverwacht rust op het programma.

Daarvoor kwam ik niet naar de Ardennen, hé.

Het werd een dag bij onze noorderburen met veel sauna, warme baden, koude baden en lezen in een boek over digitale marketing en in Franse bladen over trail running. Ach, het regende toch pijpenstelen.

Vandaag brak onze laatste dag in Spa aan. Runcoach.be en ik startten vanmorgen op MTB-route 5 om bij de splitsing na ongeveer 20 km verder te fietsen op route 6. Dat gebeurde niet zonder slag of stoot. Het had niet alleen gisteren maar ook de hele nacht ferm geregend dus de grond was nat wat enerzijds voor gladde steentjes en rotsen zorgde en anderzijds voor zachte modder en waterplassen.

Route 5 is het parcours waar ik donderdag na 18,5 feilloze offroad kilometers op de grillige heuvels en over boomwortels en sparrenappels ineens gevallen was. Op die plaats was ik mijn zuurverdiend zelfvertrouwen kwijtgespeeld. De Plek des Onheils had ik liever vermeden want ik wist zeker dat mijn zelfvertrouwen daar niet ergens als een item op de grond voor het oprapen lag. De regen zou het trouwens weggespoeld hebben. Enfin, ik had helemaal geen zin om daar weer te passeren maar de eerste 20 km van route 6 vallen onvermijdelijk samen met deze weg. Het was met een klein hartje en met halfvol vertrouwen in mijn Runcoach.be dat ik fietste. Voor het eerst fietste ik voor het (trainings)resultaat en niet voor het genot van de rit.

Dat ik na 4 kilometer tijdens een beklimming van een rots met mijn klikpedalen omviel was te wijten aan mijn koersbroek met extra stevig zeem die eigenlijk een maat te groot is. Ik moest rechtstaan op de pedalen en naar voor hellen om niet achterom te slaan want mijn voorwiel loste de grond door de hellingsgraad. Dat ging goed tot ik weer op mijn zadel wou zitten. Mijn zeem hing te laag waardoor hij vasthaakte aan mijn zadelpunt, ik mijn evenwicht verloor en naar rechts omviel. Een blauwe plek op mijn kont en een dikke sorry, het is niet erg, ik kan het echt wel, tegen Runcoach.be die natuurlijk geschrokken was. En innerlijk zei ik tegen mezelf dat het gedaan was met sukkelen.

Vervrouw je, trek die broek hoger en niet flauw doen!

Gelukkig zou dit de enige valpartij van de volledige rit worden. Bovendien was het zo dat ik na het passeren van de Plek des Onheils bij toverslag toch genoot van de rest van de rit. Goed voor 28 kilometer onverhoopt genot. Ik zou kunnen liegen en schrijven dat ik in stijl en met glans de Plaats der Val getrotseerd heb doch ik ben geen heldin. Ik ben afgestapt en met een inwendige vloek en mijn mountainbike in de hand naar beneden gestapt.

Vandaag deed ik een aantal MTB-dingen voor het eerst. Want ik ben nog steeds een beginner die in april voor het eerst op een mountainbike kroop. Het betreft door de modder en plassen crossen (mjammie!), over de duizend positieve hoogtemeters bijeen fietsen in één rit en beekjes doorsteken (watercrossing).

Er is nog veel werk aan de winkel om mijn hoogtevrees in de afdalingen te overwinnen maar ik geef niet op. En dát gevoel geeft mij veel energie en levenskracht.

Het koolhydratentaboe

Vooral bij vrouwen lijkt het populair om maaltijden enkel uit wat vlees en groenten samen te stellen en aardappelen, brood of andere koolhydraten te verbannen als waren ze vergif voor de lijn. Nochtans zijn koolhydraten brandstoffen die aan de basis liggen van een evenwichtige voeding.

Natuurlijk eet je beter op een doorsneedag geen 500 gram brood, witte rijst of pasta of frieten maar anderzijds te weinig (complexe) koolhydraten eten, verzwakt het lichaam en stuurt de man met de hamer onverbiddelijk langs bij duursporters. Koekjes en gebak eet je best uitzonderlijk en met mate. Ze bevatten niet alleen veel suiker maar ook veel vet. Met mate, dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan maar voedingsmiddelen volledig schrappen is erg moeilijk.

Op dagen dat je traint, mag of moet je meer eten maar weten wanneer, wat en hoeveel, is belangrijk om efficiënt te zijn. Carboloaden met vezelarme koolhydraten op de dagen voor een langdurige wedstrijd is dan weer een ander verhaal. Ik vind het best opletten geblazen maar begin het onder de knie te krijgen. De praktijk en het karakter moeten soms nog volgen.

Voor een vrouw van mijn leeftijd met mijn levensstijl zou een dagelijkse inname van 2200 kcal volstaan op rustdagen. Liefst verdeeld over 5 of 6 momenten met telkens ongeveer drie uren ertussen. Wil je vermageren, dan eet je minder maar iedereen heeft koolhydraten en gezonde vetten nodig dus deze stoffen pogen volledig te schrappen is echt niet goed.

Ondertussen sta ik al zes dagen ongewild op non-actief wat lopen, mountainbike en kajak betreft wegens een lumbago die niets met sporten te maken heeft doch met te lang in mijn tent liggen. Mijn krachttrainingen doe ik wel behalve twee reeksen die nu mechanisch niet lukken zoals op de rug liggen en de gestrekte benen vanuit liggende positie omhoog heffen met gewichten. Eerlijk? Ik heb schrik dat ik niet alleen ga verdikken als ik niet gauw 10 km of meer ga lopen of 50 km mountainbiken maar ook dat mijn conditie wegsmelt.

Ik heb dus van de nood een deugd gemaakt en verdiep me de laatste dagen in sportvoedingsleer. Tevens word ik in de keuken gespot tussen tuinkruiden, fijngehakte groenten en zelfgebakken volkoren speltbrood. Balen is voor een keer toegelaten. Nah.

Hoogtemeters

Wat een erg sportieve driedaagse in Chiny en Florenville zou worden, werd noodgedwongen aangepast naar een beetje sport en veel rusten. De overtuiging ‘als ik het kan, kan iedereen het’ moet alweer genuanceerd worden. Met de oudste dochter – veertien lentes – per mountainbike bulk kilometers in de Ardennen pakken, wordt uitgesteld tot nader orde. Toen ze op voorhand beweerde enkel plat en heuvelafwaarts te willen fietsen, meende ze dat blijkbaar letterlijk. 

We sliepen aan de oever van de Semois in een tentje. Om 7u was ik al op en klaar om in de koelte van de ochtend te gaan biken. Mijn ontbijt bestond uit een banaan, aardbeienmoes en maiswafels met lijnzaad. We zaten namelijk in the middle of nowhere. Ik snakte naar de straffe koffie waarmee ik mijn dagen aanvang. Vroeg opstaan en flink ontbijten is voor mij de evidentie zelve doch mijn meisje sliep als een roos in de tent die vanaf 9u begon op te warmen. Om 10u vond ik dat het echt tijd was om uit de kokende tent te komen. Dat werd dus sowieso fietsen tijdens het warmste moment van de dag. Ontbijten wou ze niet. De zin in banaan, aardbeienmoes en maiswafels ontbrak waarschijnlijk. Niet eten + sportief fietsen = problems. Misschien was ik niet streng genoeg en had ik haar moeten verplichten te eten of toch op zijn minst water te drinken. ‘Neen’ bij een veertienjarige is behoorlijk defensief en pertinent.

Gedurende zeven luttele kilometers werd mijn geduld op de proef gesteld. Midden in de beklimmingen stapte ze af om eerst geen voet meer te willen verzetten, maar dan in te zien dat er geen deus ex machina kwam. Dan weigerde ze nog verder naar boven te fietsen wat eigenlijk logisch was want als je tijdens het stijgen naar stilstand gaat, is het loodzwaar om terug aan te  zetten. De helling werkt dan als een gigantische handrem die niet wil lossen. Bovendien had ze dorst gekregen en gedronken van de bidon die ik netjes op haar mountainbike had bevestigd. Water met isotoon poeder. Op haar nuchter maagje deed dit geen deugd, met buikpijn tot gevolg. Ze wist wanneer ze moest schakelen van groot naar klein verzet maar overschatte zichzelf en onderschatte het klimmen. Doseren vraagt natuurlijk ervaring. Jong geweld knalt en verschiet alle poer nog voor de helft van de karwei volbracht is zonder te denken aan wat nog zal komen. Het is niet voor niets dat de leeftijd van ultra (trail) lopers vrij hoog ligt. Volhouden tot het eind is enkel mogelijk als je secuur je energie verdeelt. Je moet een goede loop- of fietseconomist zijn.


We geraakten in Florenville en namen een heel lang pauze met koffiekoeken en verwondering van het panoramisch zicht op de velden en de bossen daarachter.  Ze zei dat ze MTB haatte. Op een terrasje bestelde ik mijn eerste en laatste koffie van de dag en bereidde ik me voor op nog zeven kilometer tranen van woede. Haar optie dat ik terug zou fietsen en haar met de wagen oppikken wou ik niet horen. Ik wist dat als ik daaraan zou toegeven, ze een negatieve bevestiging zou krijgen. Dat het niet gaat. Zie je wel. Ik had het gezegd. 

Mijn meisje is geen watje. Het is een sterke meid die goed kan volhouden bij kajakken dus met de mountainbike moest dit ook lukken. Heel rustig zei ik dat we verder moesten. Dat niemand het voor ons in onze plaats ging doen. Dat ze moest blijven fietsen en niet midden in de stijging afstappen want dat het te voet langer duurde zoals ze had kunnen ondervinden. Dat het dan eigenlijk nog lastiger is. Lichamelijk maar ook mentaal want verschillende mensen hadden haar onderweg gevraagd of haar fiets stuk was toen ze haar zagen wandelen. Vriendelijk bedoeld maar motiverend was dat niet. 

Ze stapte op haar mountainbike en ik volgde haar. Ze trapte en volgde elke instructie keurig op. ‘Kijk, zie je die heuvel aankomen? Verander naar je klein blad ter hoogte van die boom.’ ‘Rustig blijven trappen, je zit in de juiste versnelling.’ ‘Goed bezig, blijven gaan.’ En dan ineens zonder ook maar één keer gestopt te hebben, waren we terug bij onze tent. 

‘Zie je wel dat je het kan?! Je hebt het gewoon gedáán.’ De beperkende overtuiging iets niet te kunnen was geëvolueerd naar de fijne vaststelling iets toch te kunnen. Een kleine stap maar een wereld van verschil.

De sportvoedingsformule voor duursporters

sportvoedingsformule.PNG

Gisterenavond nam ik deel aan het webinar van sportdiëtiste Stephanie Scheirlynck over sportvoeding voor duursporters. Ik kan al onmiddellijk verklappen dat dit insloeg als een bom en zijn effect niet gemist heeft. Het frappantste was voor mij het verschil in eten bij lopers, fietsers, triatleten en dat wat ik soms allemaal na elkaar bijeen train onder ultra lang sporten valt. Wat een heel verschillende voeding vergt dan als je pakweg enkel een middellange loop doet op een dag. Het klinkt raar maar ik eet dus te weinig op dagen dat ik intensief sport. De hele dag bescheiden eten alsof het ‘rustdag’ is en ’s avonds een grote biefstuk friet eten omdat je die dag 4500 kcal verbrandde, is geen goede oplossing.

Vooraf moest je een test maken om je huidige kennis over sportvoeding te bepalen. Omdat ik al wat weet dankzij de coaching die ik een jaar bij Runcoach.be volgde, was mijn score behoorlijk. De basiskennis over sportvoeding heb ik onder de knie maar ik moet door veranderde omstandigheden eigenlijk dringend overschakelen naar een hoger niveau. Trainen voor een multisport race vergt meer brandstof dan ik besefte. Vrijdag kwam ik op de fiets de man met de hamer tegen waardoor mijn voelsprieten als een antenne de info oppikten dat er een webinar over sportvoeding gepland was.

Stephanie was erg duidelijk en to the point met zeer nuttige informatie waardoor ik direct verkocht was om me te laten begeleiden op vlak van voeding. Ik heb dan ook een premium account gekocht bij Evermove om toegang te hebben tot alle modules en calculators met feedback.

Voor het sportvoedingsgedeelte zal ik dus deze weg inslaan maar tegelijk zal ik terug aankloppen bij Runcoach.be om mij te laten coachen voor de trainingen. Dat heb ik na vorige week beslist. Zoals ik momenteel bezig ben met sport zonder iemand die mij daarin bijstaat, zal ik mij opbranden. Dat voel ik. Ik heb iemand nodig die er de rem op zet want zelf wil ik altijd maar meer en meer trainen. Enerzijds uit schrik dat ik het anders niet zal kunnen, anderzijds omdat ik momenteel flirt met het gevoel van totale uitputting en de daaraan gekoppelde roes waarop ik drijf. Als ik niet op dat punt kom, blijf ik op mijn honger zitten en ik vind dat een beetje eng.

Waarom doe ik nu voor het voedingsgedeelte geen expliciet beroep op Runcoach.be? Doet dit geen afbreuk aan zijn expertise op vlak van voeding? Absoluut niet, kijk maar naar Vincent Pierins die hij coacht en alzo veel vermagerd is en van ‘bijna niet lopen’ geëvolueerd is naar ‘bijna klaar om een halve marathon te lopen’.

Knipsel

Ik wil echter de tijd die hij in mijn sportprogramma stopt beperkt houden zodat ik geen tijd afneem die hij beter aan betalende klanten voor coaching kan benutten. De tijd die hij wekelijks aan mijn voedingsadvies zou besteden, kan hij niet meer ‘verkopen’ om zijn boterham te verdienen. Eén van de kenmerken van de dienstverlenende sector: er is geen voorraad.  Misschien hoor ik bovendien liever niet van mijn levenspartner hoeveel en wat en wanneer ik mag eten. Want eerlijk: eten ligt gevoelig bij velen en ook bij mij. Conclusie: mijn trainingsschema’s laat ik aan hem over en mijn voeding zal ik daar op afstemmen met de sportvoedingsformule. En de mentale veerkracht is momenteel top.

Wordt vervolgd. Ik ben heel benieuwd.

belang sportvoedingBron: De sportvoedingsformule

Kelly en Katrien op de Ohm Trail

18920820_10213411107210069_7559309586134805517_o

Dat Kelly en ik sportief aan elkaar gewaagd en complementair zijn, durf ik met zekerheid stellen. In mountainbike is zij ongetwijfeld mijn meerdere en in trail running en kajak ben ik dat. Voorlopig toch. We motiveren elkaar en tegen de Houffa Raid in oktober zullen we als een goed geolied dames duo functioneren tussen die stoere mannen. Tot nog toe zijn wij het enige vrouwenteam maar we laten ons daar niet door afschrikken. De volharding en ijzeren wil om doelstellingen te halen waarbij we de lat hoog leggen, is bij allebei onmiskenbaar aanwezig. Dat heeft Kelly vorige Pinksterzondag bewezen op de Ohm Trail in Aywaille en omstreken.

Na een regenachtige nacht in mijn tentje aan de Amblève wachtte ik Kelly op die de ochtend zelf van thuis naar de startplaats zou rijden. Runcoach.be was al om 9u vertrokken voor de 50 km. Ik was wat plaatsvervangend zenuwachtig omdat de organisatie tijdens de briefing nogal wat waarschuwingen meegaf. Over verloren lopen, glibberige paden en zware klimpartijen. Bovendien was de 20 km waarvoor Kelly wou inschrijven slechts een onderschatte benadering van de werkelijke afstand. 20 km zou uiteindelijk 24 km worden. Het was Kelly’s eerste keer dat ze zoveel kilometers en hoogtemeters zou lopen en ik hoopte dat ze niet afgeschrikt zou worden en bijgevolg zou besluiten: nooit meer! Of zelfs boos zijn op mij. Maar een klein stemmetje in mijn hoofd fluisterde dat ze het geweldig zou vinden.

Om 10u30 stonden wij helemaal paraat om te starten.

Ik wist dat doseren de grootste uitdaging zou worden. Dat ik Kelly een beetje zou moeten afremmen om de volledige tocht vol te kunnen houden. Ik vreesde dat ze zich anders zou opbranden. Daarom hadden we afgesproken dat ik het tempo zou bepalen. Voorzichtigheidshalve had ik beslist dat we lichtjes onder mijn eigen vermogen zouden lopen. We praatten vrolijk en luchtig afgewisseld met periodes van stilzwijgen en genieten van het landschap.

18891729_10213411110010139_385754198326199751_o

18839799_10213411107250070_4737718642436025241_o

Alles ging heel goed tot ongeveer 15 km. Toen kreeg Kelly krampen in haar kuiten. Haar conditie mag dan wel prima zijn, die pittige off-road hoogtemeters bijten hardnekkiger dan je je als ‘gewone’ loper kan inbeelden. Het leek alsof dit niet meer in orde zou komen en ik vreesde dat ze zich een blessure zou lopen als we de trail zouden verderzetten.

Knipsel1

Na 15,7 km met 861 positieve hoogtemeters in 2u23 minuten (waarvan heel wat minuten rust op het einde omdat Kelly zo’n pijn had aan haar benen) besloot ik dat we beter de race zouden afbreken. Dit was het niet waard, het naar boven lopen was absoluut nog niet voorbij en ik was bezorgd. Natuurlijk was dit niet leuk. Niet voor Kelly omdat het haar eerste trail wedstrijd was. Niet voor mij omdat ik me verantwoordelijk voelde. Dat ik zelf een DNF (did not finish) zou hebben, kon me absoluut niets schelen. Ik zette de tracking op mijn TomTom-sporthorloge op ‘stop’. De trail was afgelopen.

Maar daar stond ik dan aan de feeërieke oever van de Ninglinspo terwijl mijn loopmaatje met pijn op de grond zat. Ik klampte toevallige wandelaars aan met de vraag hoe ver de bewoonde (met autowegen bereikbare) wereld was. Dat zou toch een paar kilometer worden, antwoordden ze.

Knipsel2

Ik weet niet wat er door Kelly haar hoofd ging maar mijn focus was erg scherp en voor mijn part kwam het er nu enkel nog op neer om een straat te bereiken, de organisatie te bellen en ons te laten ophalen. Toch hoorde ik haar vastberaden zeggen: ik probeer verder te doen. Tja, dat deden we dan op het gemak wanneer het moeilijk was voor haar beenspieren en wat sneller als ze kon. Vanaf dan bepaalde Kelly volledig het tempo. De resterende 8,2 km met 236 positieve hoogtemeters liepen we in 1u14 wat ik nog een straffe prestatie van Kelly vind.

Knipsel3

Waar een wil is, is een weg, ook naar de toppen en dalen. Alzo liepen Kelly en Katrien dan toch de Ohm Trail uit gedurende 24 km met 1100 positieve hoogtemeters.

 

 

 

Trailrunning Managers in Genk

Zaterdag coachten we met Runcoach.be een Trailrunning Manager op de terril van de oude steenkoolmijn in Genk. De zon scheen genadeloos en de wind bracht amper verkoeling op de top. Omdat het trager vooruitging dan verwacht, duurde de training langer dan verwacht en had ik een tekort aan water. To remember: altijd ruim voldoende water meenemen als het zo warm is want je weet nooit hoe snel of traag een ander over steile hoogtemeters loopt.

Maar laten we aan de hand van beelden beginnen bij het begin.

Aan de voet van de terril loop je door een jong naaldbos met veel struikgewas en pittige, korte heuveltjes op een ondergrond van steenkoolgruis, sparrenappeltjes en aarde. Hier liep ik het liefst dankzij het sprookjesachtig decor met verkoelende schaduw.


Eenmaal door het bos begint het echte klimwerk. Nergens zijn rotsen. Overal ligt dat steenkoolgruis al dan niet begroeid met gras. Wat een vreemd door de mens gemanipuleerd ecosysteem! Mijn trekking poles kwamen goed van pas.

We zijn twee keer naar de top geklommen. Daar heb je een groen uitzicht op Bokrijk, Hengelhoef, C-mine en de andere terrils in de verte. Waterschei, Zwartberg en Beringen. Bulten die uitsteken in het bomenrijen landschap.

En onderweg kwamen we wandelaars noch lopers tegen maar wel enkele mountainbikers.

Als afsluiter een woordje uitleg over de duur van de training. Ik dacht dat we een uur zouden bezig zijn dus nam een half liter water mee (waarvan ik de rest aan R. gaf omdat haar water op was). Hieronder zie je het trainingsverloop.

Als je denkt: zo traag?!?, think again. Het gaat niet over mijn tempo maar dat van een starter. Het was bloedheet. En wat dacht je van de hellingen die hieronder te zien zijn? Twee keer naar de top zoals gezegd.